IndyCar vanaf 2012 met Dallara tub en variabele aero kits

21 07 2010

Afgelopen week presenteerde de Izod IndyCar Series zijn chassis-strategie voor de nabije toekomst. Vanaf 2012 zal worden gebruik gemaakt van een Dallara chassis, met als core een tub die officieel de IndyCar Safety Cell zal heten, aangevuld met bodywork geleverd door een verscheidenheid van fabricanten. De selectie van Dallara Automobili is een conservatieve keuze : Dallara produceert al sinds 1998 wagens voor de IRL, en sinds 2005 is het zelfs de enige chassis-leverancier.  De Italiaanse constructeur kon het ICONIC comité finaal overtuigen doordat het zich bereid toonde om het toekomstige chassis  te bouwen in een nieuwe fabriek in de schaduw van de Indianapolis Motor Speedway.

Vanaf 2012 stapt IndyCar af van de naakte Spec Car formule. Er is terug ruimte voor diversiteit, zij het niet onbeperkt. De IndyCar Safety Cell is de gemeenschappelijke basis, het bodywork (voor- en achtervleugels, sidepods en engine covers) zal door diverse constructeurs kunnen worden vorm gegeven. De prijs van die aero kits mag niet hoger liggen dan 70.000 dollar. Samen met de kost van het chassis, 349.000 dollar, en een motor-lease prijs van om en bij de 550.000 dollar zou het straks mogelijk worden een wagen te runnen met een jaarbudget van pakweg een miljoen dollar. Vraag is natuurlijk wie, buiten Dallara, in het bodywork-avontuur wil instappen. De ontwikkeling van een aero pakket brengt een hoge investeringskost met zich, en die zal niet kunnen worden terugverdiend als de kit niet competitief blijkt te zijn en dus niet zal worden afgenomen door de teams.  

Heeft het ICONIC adviescomité zijn huiswerk goed gedaan? De aandacht voor kostenbeheersing is een absoluut pluspunt, en garandeert het voortbestaan van de IndyCar Series op korte tot middellange termijn. Anderzijds houdt de wagenstrategie op dit moment niet meer in dan een framework waarbij nog veel details niet zijn gekend. Het is af te wachten hoe dit framework in de komende maanden zal worden geïnterpreteerd door teams en constructeurs. In een worst case scenario zal IndyCar moeten terugvallen op zijn Plan B, zijnde het Dallara chassis met standaard Dallara aero kit en standaard Honda motor. Het tijdperk van de ‘crapwagons’ zou dan toch nog niet voorbij zijn.





Red Bull huishouden staat op springen

17 07 2010

Er gaat geen dag voorbij of de media berichten over de spanningen binnen het Red Bull racing team. Met de RB6, ontworpen door het genie Adrian Newey, beschikt het team over de beste F1-wagen van het moment, maar door de aanhoudende interne strijd is de kans groot dat Red Bull de wereldtitels bij de rijders en de constructeurs aan zijn neus ziet voorbijgaan.

Sinds de onwaarschijnlijke aanrijding tussen Sebastian Vettel en Mark Webber in de GP van Turkije is verhouding tussen beide rijders aanzienlijk verslechterd. Officieel hebben ze een gelijke status, maar het is een publiek geheim dat de jonge Duitser duidelijk gefavoriseerd wordt door de Oostenrijkse clan. Dat werd nog maar eens duidelijk tijdens wing-gate in Silverstone, tot grote woede van Webber. De Australiër revancheerde zich op de piste door de Britse GP te winnen, echter niet zonder zijn ongenoegen te ventileren over zijn rol van officieuze tweede rijder en het reilen en zeilen bij Red Bull in het algemeen.

Teambaas Christian Horner slaagt er intussen niet in de rust in het team te doen weerkeren. De verklaring hiervoor moet allicht bij Helmut Marko worden gezocht. Deze Oostenrijkse ex-F1-piloot vervult een nogal onduidelijke adviseursrol bij Red Bull Racing maar aarzelt niet om olie op het vuur te gooien wanneer de naam Webber valt. Wie op dit moment echt de touwtjes in handen heeft bij het team uit Milton Keynes, is zeer onduidelijk. De eenheid binnen het team is zoek, Dietrich Mateschitz himself zal moeten ingrijpen.