Lotus contra Lotus in F1

8 12 2010

De geruchten deden al een tijdje de ronde en vandaag volgde de officiële bekendmaking: Renault verkoopt zijn resterende aandelen in het F1 team aan Lotus Group. Lotus Group en Genii Capital zijn nu eigenaar van een team dat voortaan Lotus Renault GP zal heten. De strijd om het gebruik van de naam Lotus heeft daarmee een hoogtepunt bereikt: vanaf 2011 staan er twee Lotus-renstallen op de grid. Voor de occasionele F1-fan zal de verwarring bijzonder groot zijn.

Wie de merknaam Lotus in de autosport mag gebruiken, blijft vooralsnog onduidelijk. Het is aan de rechtbanken om hierover uitspraak te doen. De Maleisische zakenman Tony Fernandes bereikte eind 2009 een overeenkomst om zijn nieuw F1-team Lotus Racing (straks Team Lotus) te noemen. Hij kreeg hiervoor ook de steun van de familie Chapman. Maar in de loop van 2010 werd duidelijk dat de Maleisische autobouwer Proton en dochterbedrijf Lotus Group zich zelf verregaand zouden engageren in de autosport. Zo werd een partnership bekendgemaakt met GP2- en GP3-renstal Art Grand Prix, en onlangs werd Lotus aangekondigd als derde motorenleverancier in IndyCar vanaf 2012. De plannen van Lotus baas Dany Bahar, voorheen marketing directeur bij Ferrari, lijken ongebreideld, en roepen daarom ook veel vraagtekens op.

Het gekibbel in Maleisië heeft ondertussen veel schade berokkend aan de iconische merknaam Lotus. De manier waarop er met de erfenis van Colin Chapman wordt gezeuld, is een behoorlijk trieste aangelegenheid. De liefhebber van klassieke autosportmerken zal waarschijnlijk stiekem hopen op een terugkeer naar een Britse eigenaar … ergens in de toekomst.

Advertenties




IndyCar vanaf 2012 met Dallara tub en variabele aero kits

21 07 2010

Afgelopen week presenteerde de Izod IndyCar Series zijn chassis-strategie voor de nabije toekomst. Vanaf 2012 zal worden gebruik gemaakt van een Dallara chassis, met als core een tub die officieel de IndyCar Safety Cell zal heten, aangevuld met bodywork geleverd door een verscheidenheid van fabricanten. De selectie van Dallara Automobili is een conservatieve keuze : Dallara produceert al sinds 1998 wagens voor de IRL, en sinds 2005 is het zelfs de enige chassis-leverancier.  De Italiaanse constructeur kon het ICONIC comité finaal overtuigen doordat het zich bereid toonde om het toekomstige chassis  te bouwen in een nieuwe fabriek in de schaduw van de Indianapolis Motor Speedway.

Vanaf 2012 stapt IndyCar af van de naakte Spec Car formule. Er is terug ruimte voor diversiteit, zij het niet onbeperkt. De IndyCar Safety Cell is de gemeenschappelijke basis, het bodywork (voor- en achtervleugels, sidepods en engine covers) zal door diverse constructeurs kunnen worden vorm gegeven. De prijs van die aero kits mag niet hoger liggen dan 70.000 dollar. Samen met de kost van het chassis, 349.000 dollar, en een motor-lease prijs van om en bij de 550.000 dollar zou het straks mogelijk worden een wagen te runnen met een jaarbudget van pakweg een miljoen dollar. Vraag is natuurlijk wie, buiten Dallara, in het bodywork-avontuur wil instappen. De ontwikkeling van een aero pakket brengt een hoge investeringskost met zich, en die zal niet kunnen worden terugverdiend als de kit niet competitief blijkt te zijn en dus niet zal worden afgenomen door de teams.  

Heeft het ICONIC adviescomité zijn huiswerk goed gedaan? De aandacht voor kostenbeheersing is een absoluut pluspunt, en garandeert het voortbestaan van de IndyCar Series op korte tot middellange termijn. Anderzijds houdt de wagenstrategie op dit moment niet meer in dan een framework waarbij nog veel details niet zijn gekend. Het is af te wachten hoe dit framework in de komende maanden zal worden geïnterpreteerd door teams en constructeurs. In een worst case scenario zal IndyCar moeten terugvallen op zijn Plan B, zijnde het Dallara chassis met standaard Dallara aero kit en standaard Honda motor. Het tijdperk van de ‘crapwagons’ zou dan toch nog niet voorbij zijn.





Nieuwe F1-teams staan voor zwaar debuutseizoen

17 01 2010

USF1, Virgin Racing, Campos Meta en Lotus staan als nieuwe F1-teams voor een huizenhoge opgave. De vier newbies kampen met een structurele onderfinanciering en het is maar de vraag hoeveel van hen daadwerkelijk op de grid zullen staan bij het seizoensbegin op 14 maart in Bahrein. Bernie Ecclestone heeft al herhaaldelijk laten verstaan dat hij een of twee teams niet ziet opdagen.

Lotus F1 Racing is de minst onzekere debutant. De Maleisische constructie heeft met Mike Gascoyne een gerenommeerd technisch designer in huis en beschikt daarnaast met Jarno Trulli en Heikki Kovalainen over twee ervaren piloten. Het team greep echter naast een sponsorship deal met Petronas, zodat Tony Fernandes en zijn Air Asia voorlopig de enige geldschieters blijven.

Richard Branson maakt zich sterk dat zijn team het seizoen kan rondkomen met een budget van 40 miljoen pond. Het design van de Virgin wagen is revolutionair, want Nick Wirth laat de windtunnels links liggen en kiest resoluut voor de CFD-technologie. De recente vervanging van teambaas Alex Tai door John Booth leidde tot nieuwe speculaties omtrent de aandeelhouders van het team. 

USF1 heeft zich bij monde van teamchefs Ken Anderson en Peter Windsor al vaak moeten verdedigen ten opzichte van de sceptici. Midden januari is nog geen enkele rijder gecontracteerd. Het team heeft ook nog geen titelsponsor kunnen bekendmaken. Met een testdebuut op Barber Motorsports Park wordt alsnog gehoopt de belangstelling van het Amerikaanse bedrijfsleven te wekken. De vraag rijst of de in Charlotte ontwikkelde wagen ooit het Amerikaanse continent zal verlaten.

Voor Campos Meta lijken de dagen nu al geteld. Het Spaanse team heeft de bouw van zijn chassis toevertrouwd aan Dallara, maar kan de rekeningen niet langer betalen. Mogelijk krijgt het team nog voor de seizoensstart een nieuwe eigenaar. In dat verband zijn reeds de namen van Zoran Stevanovic en Tony Teixeira gevallen.





Happy birthday Lotus 79

21 05 2008

Precies dertig jaar geleden, op 21 mei 1978, reed Mario Andretti de debuterende Lotus 79 naar een fenomenale overwinning in de Grote Prijs van België op Zolder. Nadien behalen Andretti en zijn teammaat Ronnie Peterson nog vijf andere overwinningen met de Lotus 79, en aan het eind van het seizoen zal Andretti ook de wereldtitel binnenrijven.

De Lotus 79 wordt door heel wat kenners gezien als een van de de knapste designs uit de F1-geschiedenis. Zoals andere Lotus modellen viel de 79 op door zijn fraaie John Player Special livery. Maar de 79, ook wel bekend als de Black Beauty, betekende bovenal een mijlpaal in de aerodynamica. Voor het eerst werd een wagen ontwikkeld in een wind tunnel en met moderne computertechnieken.  De nummering van de wagen sprak boekdelen: in het seizoen 78 liep Lotus met de 79 gewoon een jaar voor op de concurrentie.

De Lotus 79 was een ontwerp van Colin Chapman, Martin Ogilvie, Tony Rudd en Peter Wright. Met de Lotus 79 werden de ideeën rond ground effect, zoals die ook al in de Lotus 78 aanwezig waren, verder geperfectioneerd. Door de geoptimaliseerde venturi tunnels en de side pods met skirts werd onder de wagen een onderdrukzone gecreëerd die een ongeëvenaarde baanvastheid opleverde.

Het seizoen 1979 betekende het einde van de Lotus-dominantie. De nieuwste creatie, de Lotus 80, bleek een flop en Lotus werd snel voorbijgestoken door Ligier, Williams en Ferrari.